Litha


Op 21 juni zijn we aanbeland bij alweer het zesde jaarfeest!

Litha wordt ook wel Zomerzonnewende, Zomersolstitium of Midzomer genoemd en valt dit jaar op 21 juni. Het is de langste dag en de korte nacht en vanaf nu bindt de zon weer in aan tijd. De zomer is nu op haar hoogtepunt. Litha wordt traditioneel op de vooravond van de Zomerzonnewende gevierd, op 21 juni.

Met Litha bereikt alles een hoogtepunt, alles om ons heen is groen. Het is ook de dag met de meeste zonne-uren. Dit geeft de kracht van de zon weer. Er wordt een keerpunt gevierd, men wacht de oogst af en de vruchtbaarheid van de gewassen is nu maximaal. Litha is afkomstig uit het oud Germaans en betekent ‘berghelling’. Dit zou goed de symbolische berghelling kunnen weergeven die de zon in juni beklimt en in juli afdwaalt. In het plantenrijk gaat de groei nu over in rijping. Nu de strijd om het bestaan is gewonnen, wordt de energie gebruikt om het voortbestaan van de soort veilig te stellen.


Litha is altijd een vrolijk jaarfeest geweest. Muziek in de vorm van drums met zang en dans waren veel voorkomend. Midzomervuren werden ontstoken voor bescherming, reiniging, en de hoop dat de zon zijn warmte lang genoeg zou behouden om een goede oogst te bieden. Vaak werd tijdens de kortste nacht niet geslapen.

Tijdens Litha is mede een belangrijk symbool. Mede is een alcoholische drank die gebrouwen wordt van honing. Incidenteel werd er geloofd dat, omdat de God en de Godin in mei trouwen, het ongeluk bracht als je als sterfelijke in mei zou trouwen. Veel vrouwen bleken na de meivuren echter zwanger te zijn en zo kwam het dat juni een erg populaire maand werd om te trouwen. Dit is ook de reden dat in het Engels de periode na de bruiloft ‘honeymoon’ heet, afgeleid van de naam honing.

De naam Midzomer is misschien een beetje vreemd omdat deze datum tegenwoordig in verband wordt gebracht met het begin van de zomer. Maar de oude Kelten kenden slechts twee seizoenen: licht en donker, zomer en winter. Tijdens Midzomer vierden zij het hoogtepunt van de zomer, dus het midden van de lichte helft van het jaar.

De Zomerzonnewende wordt in vele plaatsen over de hele wereld gemarkeerd door onder anderen steencirkels, markeringen of tunnelachtige passages waardoor licht alleen tijdens de Zonnewende schijnt. Dit toont aan dat de mensen deze dag belangrijk genoeg vonden en de moeite namen om de Zonnewende te kunnen voorspellen en vastleggen.
Een van de bekendste Keltische krachtplaatsen is de oude steencirkel Stonehenge. De steencirkel kent op bepaalde momenten in het jaar hele bijzondere lichtinvallen. De bekendste is die op de Zomerzonnewende. Met Litha, de langste dag van het jaar, komt de zon precies boven een bepaald punt in de horizon waardoor het centrum in de cirkel in een flits verlicht wordt.
In de Keltische tijden werd de steencirkel Stonehenge gebruikt als astrologisch middelpunt en als inwijdingstempel voor mannen. Centra die verbonden zijn met de zon, werken met de mannelijke energiepolariteit, krachtplaatsen zoals heuvels, zijn meer verbonden met de maan en werken met de vrouwelijke polariteit.

Tijdens Midzomer is de zonnecyclus op haar hoogtepunt. In de meeste bekende mythen wordt de zon als een mannelijke Godheid afgeschilderd. Vuur was tijdens het Midzomerfeest erg belangrijk. Zo worden sinds heel vroeger met Midzomer vuren ontstoken om de zon te eren. Ook werden kruiden in het vuur gegooid voor geluk en om boze geesten af te weren.
Als stelletjes hand in hand over het vuur sprongen en elkaar onderweg niet loslieten, zou dat garant staan voor een langdurige en goede relatie. De as van het vuur werd mee naar huis genomen om zich te beschermen tegen onweer en bliksem en om zich te verzekeren van harmonie in het huwelijkse leven. Deze Midzomervuren werden later gekerstend en omgedoopt tot Sint Jansvuren.
Om het geluk af te dwingen werd er over het vuur gesprongen in de veronderstelling dat de gewassen zo groot en hoog zouden worden als zij konden springen. Nog steeds springen mensen tijdens Litha over de vuren, of lopen tussen ontstoken kaarsen door, om zichzelf met kracht te vullen en om symbolisch dat gene weg te branden wat we niet meer nodig hebben.

Vroeger werd de Godin van het oude en jonge graan vertegenwoordigd door een persoon die geofferd werd. Afhankelijk van de cultuur was dit een vrouw of een man. Een overblijfsel van dit ritueel is de vogelverschrikker, een stropop op ware lichaamsgrootte die rond een vaak kruisvormige houten paal wordt opgehangen en boven het veld uitkomt. Dit om hongerige vogels af te schrikken en om toe te zien op een vruchtbare oogst. Stropoppen werden ook wel gezien als een verpersoonlijking voor alles wat oud is en dat werd vervangen zou worden door het nieuwe. In dit geval was dat de nieuwe oogst.
Daarom werd met Midzomer vaak een stropop gemaakt, een overblijfsel van de vorige oogst, waarmee men rond de akkers liep om een goede oogst af te dwingen. Tijdens het oogstfeest dat later volgde werd deze pop meestal verbrand. Een ander oud gebruik is het ‘rijden’ op lange stokken of bezemstelen. Dit ritueel werd veelal door vrouwen uitgevoerd. Men maakte met de stok of bezem tussen de benen zo hoog mogelijke sprongen op de akkers. Men geloofde dat het graan zo hoog zou groeien als de sprongen die gemaakt werden.

Margrieten en madeliefjes worden gezien als typisch Midzomerbloemen. Madeliefjes die tussen 12.00 en 13.00 uur ’s middags geplukt werden en daarna gedroogd, zouden speciale krachten bezitten. Wanneer je belangrijke zaken moest doen en je nam de gedroogde madeliefjes mee, dan zouden je zaken goed verlopen. Slangekruid wat in huis werd gehaald met Midzomer zou muizen verdrijven.

Symbolische betekenis:
overvloed, zuivering, creativiteit, vruchtbaarheid, vuur, groei, gezondheid, inspiratie, liefde, moederschap, mogelijkheden, kracht, succes, zonnegod energie, warmte.

Magisch werk:
gedag zeggen tegen de warme helft van het jaar, de zonnekracht vieren, kruiden plukken (vooral geneeskrachtige kruiden), de zwangere Godin eren, bruiloften en handfastingen, elfenmagie.

Kleuren:
blauw, bruin, geel, goud, oranje, rood.

Bomen:
vlier, hazelaar, eik, lijsterbes.

Kruiden:
margriet, klaver, Sint Janskruid.

Bloemen:
margrieten, madeliefjes.

Edelstenen:
carneool, citroen, tijgeroog

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *